17 juli

interview: Paul Simon

Paul Simon schreef in 1986 geschiedenis met het album Graceland. Om het 25 jarige jubileum van dit album te vieren, speelt hij morgenavond in de Ziggo Dome in Amsterdam. Eerder dit jaar kwam de 25 th Anniversary versie uit van Graceland met daarbij gevoegd de indrukwekkende documentaire Under African Skies. Deze werd gemaakt door regisseur Joe Berlinger die eerder de zwakke plekken van hardrockband Metallica op een ontluisterende manier vastlegde in de documentaire Some Kind Of Monster. Vanavond is Under African Skies te zien op Nederland 2.

Om terug te gaan naar die roots van Simon, moet je terug naar zijn Hongaarse ouders. Die waren erg muzikaal, vooral palief. Volgens Simon was hij zonder hem nooit beroepsmuzikant geworden. ‘Door mijn vader groeide ik al op jonge leeftijd op met muzikanten. Als kind nam mijn moeder me vaak mee naar the city – ik verhuisde op jonge leeftijd van Newark naar de wijk Queens, maar Manhattan was voor ons de stad. Mijn vader speelde daar in een beroemde club die Roseland heette. Als hij pauze had, kwam hij bij ons zitten, en luisterden we samen naar een latin-band. Niet de muziek maar het geluid van die band ben ik nooit meer vergeten.’ Daar werd de basis gelegd voor de eclectische stijl die Simon later zo bijzonder zou maken. ‘Als kind luisterde ik allereerst naar doowop-muziek van de straat, met van die gospelduetten en zo. Daarna kwam de Louisiana-muziek van mensen als Smiling Lewis, Fats Domino en Rod Bernard. Vervolgens dus Caribische dingen met hun West-Afrikaanse invloeden. En r&b: Ray Charles, Ruth Brown. Country: Johnny Cash. Samenzang: The Everly Brothers. Wij noemden het thuis rock & roll, terwijl het toch allemaal verschillende culturele invloeden had. De eerste keer dat ik die verbanden ging leggen, was toen ik na mijn verblijf in Engeland terugkwam in Amerika [in 1965] – Sound Of Silence was op dat moment een enorme hit. Tijdens mijn verblijf in Europa had ik in Parijs samen met de band Los Incas gespeeld. Op één van hun albums stond de song El Condor Pasa. Ik had zoiets van: ‘Waarom koop ik dat liedje niet?’ Dat deed ik dus, en het bleek een geweldige Simon & Garfunkel-song te zijn. Voor mij was dat het startpunt om op een andere manier naar muziek van buiten Amerika te luisteren.’

Vanaf zijn eerste soloalbum Paul Simon, integreerde hij etnische muziek in zijn songs. Niet dwangmatig of geforceerd. Reggae, ska en Afrikaanse ritmes leken wonderwel een natuurlijk plekje te vinden binnen zijn composities. Simon hierover:  ‘Toen ik eind jaren zestig op vakantie was in Jamaica, kreeg ik een album met ska-muziek in handen – althans, ik dacht dat het ska was, het bleek dus reggae te zijn. Daar stond Wonderful World, Beautiful People van Jimmy Cliff op. Ik was helemaal lijp van die backbeat, die heeft mij nooit meer echt losgelaten. Ik heb toen geprobeerd om voor Simon & Garfunkel een ska-liedje te maken: Why Don’t You Write Me. Voor dat nummer had ik de beste ritmesectie van Los Angeles uitgenodigd. Ze hadden van mij verplicht naar de plaat van Jimmy geluisterd, maar wat ze ook probeerden, ze kregen het niet voor elkaar. Het klonk als imitatie-ska. We moesten de échte Jamaicaanse muzikanten hebben. Dus wij naar Kingston. Ik kwam binnen en zei: ‘Laten we een ska-nummer maken’. Die gasten keken me aan en zeiden: ‘Wij spelen geen ska, wij spelen reggae’. En ik: ‘Reggae? Wat is dat nou weer?’‘Voor mij was dat het begin van de Universele Muzikale Gedachte. Vanaf dat moment had ik het gevoel dat ik overal met iedereen kon werken. Je gaat naar een plek op de wereld en je krijgt precies het geluid wat je al die tijd al in je hoofd had. Je neemt het op en gaat weer naar huis. Zo simpel is het.’

 

Sinds 1972 maakte Simon een reeks geweldige albums maar ook een paar vreselijke uitglijders zoals One Trick Pony (1980) en Songs From The Capeman (1997) . Op al die platen laat Simon weinig los over zijn politieke gedachten. De man zoekt het meer in kleine maatschappelijke observaties en persoonlijk leed. ‘Ik weet dat ik niet zo politiek bewust in mijn muziek ben als Bob Dylan, waar ik jaren terug mee op tour ben geweest. Dat was natuurlijk een interessante combinatie. Twee Amerikaanse songschrijvers, allebei opgegroeid in de jaren zestig, met dezelfde gevoelens. Toch interpreteren wij die gevoelens op een totaal andere manier. Ik hou ervan om licht en donker naast elkaar in één song te plaatsen, zonder zaken expliciet te benoemen.’ Simon geeft overigens wel aan dat Dylan hem erg heeft beïnvloed. ‘Bob heeft me vanaf zijn eerste plaat geïnspireerd. Zonder hem had ik bijvoorbeeld nooit Sound Of Silence kunnen schrijven, maar ik kom natuurlijk nog niet in de buurt van het terrein dat hij met zijn teksten betreedt. Ik ontmoette hem dertig jaar geleden voor het eerst, en daarna liepen we elkaar regelmatig tegen het lijf. Echte vrienden zijn we nooit geweest, maar Bob is een erg grappige man. Je kan heel erg met hem lachen. Aan de andere kant kan hij ook weer heel stil zijn. Tijdens een tour bijvoorbeeld zit hij voornamelijk in zijn bus, daar komt hij amper uit. Na de show zie je hem ook niet meer.’ De contacten tussen het tweetal verwaterden echter wel. Simon baalt daar wel een beetje van. ‘Na Graceland wilde hij met me praten, ervaringen uitwisselen. Echt diep zijn we niet gegaan en er is ook nooit gesproken over ons ‘joods zijn’. De ene keer was Bob zwaar christelijk, dan weer orthodox joods… Ik ben daar helemaal niet mee bezig. Wij hebben het alleen met elkaar over muziek.’ Overigens lukte het Simon niet om Dylan mee te laten spelen op So Beautiful Or So What. ‘Ik heb hem verschillende mails gestuurd maar hij heeft nergens op gereageerd. Nou ja, jammer dan.’

Simon ging lange tijd als een tobber door het leven. Als de hoofdpersoon van een Woody Allen-film. De twee kennen elkaar goed maar in de herfst van zijn leven is Simon een gelukkig mens. ‘Ik kijk tegenwoordig toch heel anders aan tegen mijn leven als muzikant. En dat komt toch vooral door mijn vrouw Edie (Brickell: folkzangeres) en ons leven samen. De ontmoeting met Edie is het belangrijkste wat mij is overkomen. De laatste 20 jaar zijn erg belangrijk voor mij geweest. Ik werd ook nog eens vader van drie kinderen… Het was, eh, enorm. Op mijn album You’re The One staat het nummer Darling Lorraine. Het beschrijft het huwelijk en de bekende echtelijke ruzies. Man en vrouw dreigen elkaar maar al te vaak met wederzijds vertrek, en uiteindelijk vertrekt zij pas definitief als ze sterft. Terugkijkend blijken die twee gewoon een heel goed huwelijk te hebben gehad. Ik heb voor mijn gevoel op dit moment ook een heel goed huwelijk met een geweldige vrouw. Er waren tijden dat ik er niet meer op rekende ooit nog een echt gezin te krijgen. Waarom het toch lukte? Aan de ene kant ben ik tegenwoordig een stuk meer volwassenen als het gaat om relaties, aan de andere kant is Edie de perfecte vrouw voor mij. Op mijn laatste albums zing ik dat liefde een soort medicijn voor ons is. En dat meen ik echt.’

Under African Skies is vanavond vanaf 22.45 uur te zien op NED 2 in Het uur van de Wolf.

Paul Simon speelt morgenavond in de Ziggo Dome in Amsterdam.

Laatst aangepast op dinsdag, 17 juli 2012 10:51
Beoordeel dit item
(0 stemmen)
Jean Paul Heck

Hoofdredacteur Muziek.NL
Leeftijd: 47
Favoriete genres/specialiteiten: Classic rock

Laat een reactie achter

Zorg ervoor dat u de verplichte (*) velden invult waar dit is aangegeven. HTML code is niet toegestaan.

Laatste CD Reviews

  • Otis Gibbs
  • Souvenirs Of A Misspent Youth
  • Bruce Robison & Kelly Willis
  • Our Year
  • Jess Klein
  • Learning Faith
  • Kris Delmhorst
  • Blood Test
  • Loudon Wainwright III
  • Haven't Got The Blues (Yet)
  • Jyoti Verhoeff
  • Riven - Full Moon/Dark Moon
  • Volg ons ook op:

    FacebookTwitter