En die is er nu in de vorm van Babel, een plaat die swingt, ontroert en tegelijkertijd weinig verrast. Het is soms zelfs zo erg dat je met gemak de broertjes aan kan wijzen op Sigh No More. Zo is 'I Will Wait' het 'The Cave' van dit album, en lijkt 'Broken Crown' qua toon en opbouw wel erg op 'Thistle and weeds'. Dit betekent gelukkig niet dat we Babel meteen af kunnen schrijven als een herhalingsoefening. Alle nummers zijn namelijk zo goed uitgevoerd dat je je nooit zal irriteren aan de overeenkomsten. Voor veel fans zal het sowieso al moeilijk zijn om deze plaat zonder voorkennis te beluisteren, aangezien de band al een hele tijd nummers van Babel ten gehore brengt bij festivals en concerten. Gelukkig maar dat Marcus Mumford en zijn maten toen niet al hun kruit verschoten hebben, want ook alle 'echte' nieuwe nummers verdienen een plekje op de plaat. Mumford & Sons is gegroeid als band, de nummer klinken een stuk voller en ze lijken geschreven te zijn met een groot livepubliek in het achterhoofd. Het meezing-gehalte ligt dus hoog, maar gelukkig is niet heel het schijfje gevuld met klap- en springnummers. Below My Feet en Ghosts That We Knew zijn twee prachtige rustpunten, die afsluiten met een flinke climax, zodat er alsnog uit volle borst meegezongen kan worden. Het openingsnummer waar het album naar vernoemd is zelfs zo goed dat het zich met gemak kan meten met The Cave en Little Lion Man, de twee grootste hits van de band. Het nummer heeft alles in zich wat Mumford & Sons zo goed maakt: het herkenbare gitaarloopje aangevuld met gepingel op een banjo, de rauw stem van Marcus en een refrein dat gegarandeerd meegezongen gaat worden. Ook is de tekst van het nummer een mooie omschrijving van de hele plaat: "I know my weakness, know my voice" en "I'll be born without a mask". Babel is meer van hetzelfde, maar je weet wel wat je te wachten staat als je die Play-knop indrukt: een van de beste folk-albums van dit moment die zelfs zijn voorganger voorbij streeft. Laten we hopen dat ze snel weer de Holland Road bewandelen naar een concertzaal in Nederland.
De Britse folkband Mumford & Sons stond voor een schijnbaar onmogelijke opgave. De band maakte een debuut waar de meeste muzikanten alleen maar van kunnen dromen. Eerste plaat Sigh No More zette niet alleen Mumford & Sons op de kaart, het hele folkgenre leefde opnieuw op. Het regende gouden platen en prominente plekken op alle grote festivals. Maar op een gegeven moment wordt het toch tijd voor een opvolger...
Gepubliceerd in
Pop
Getagged onder


